© ROKI Foundation Holland

ROKI

22 mei 2017

 

Lieve mensen,

 

De tijd vliegt voorbij. Sinds ons vorige bericht zijn al weer twee weken verstreken. We gaan een selectie maken van de dingen die we meemaken.

 

Vorige keer schreven we over het loopfietsje van Gyuri en Barbi. Een paar dagen daarna konden we bij Attila en Sandra een loeki fietsje (zo’n stepbandenfiets) meenemen naar Kerub. Na een ochtendje sleutelen en smeren deed alles het weer. Toen de grote vraag: voor wie is dit ding? Voor Gyuri natuurlijk, want de rest is te groot of nog te klein. Met Gyuri naar de weg. Daar rijdt zo om het half uur een auto, dus dat is redelijk verantwoord. Het wegdek bestaat uit stuivend spul met gaten en  hier en daar een kei. Gyuri ging zitten en begon te rijden. Gelukkig is de weg wel zo’n 6 à 7 meter breed, want hij had dat nog even nodig. We hoefden hem alleen vast te houden aan zijn kraag. Verbazingwekkend wat drie dagen loopfietsje teweeg brengt. Sandra nam het over en na twee keer heen en weer lopen kreeg hij door dat als je de trappers rond draait je vooruit gaat. Dat je ook moet sturen duurde wat langer, dus richting natte greppel leverde gegil op, vervolgens door het gras naar de pui van een huis en daar heb je geen rem voor nodig. Je stopt vanzelf. Maar na een kwartiertje had hij alles door en begon zelfs stoer te remmen met slippend achterwiel. Alles was nog wel redelijk gevaarlijk voor de andere weggebruikers, lees aanmoedigers en zusjes op (intussen) haar loopfiets. Hij vindt het prachtig en elke dag scheurt hij op en neer en gelukkig ziet de leiding niet waar hij allemaal naar toe rijdt. Ahum. Barbi moest natuurlijk ook en dat ging Ibolya wel even leren. Boven aan de helling haar op laten stappen en dan een duwtje en vervolgens hard gillen dat ze moest remmen. Een boom en de oude schommel hielpen daar ijverig mee en Barbi kan nu ook zweefduiken J. Ze hadden gewoon even moeten luisteren naar de volwassenen, dat Barbi nog te klein is voor fietsen, maar als je 5 bent, weet je het natuurlijk al veel beter. Helaas weet de leiding ook dat Gyuri graag fietst, want dat hebben ze ontdekt als een effectieve straf. Die grote mensen ook!!!

 

Noémi heeft ook een loopfiets voor haar grote, klein dus. Ze is er ook wel trots op, zodat wij telkens krijgen te horen Aartbacsi, Rianeni nee (dachten wij). Nee, hoor ze zegt né en dat betekent ‘kijk’. Ze loopt dan gewoon met het fietsje tussen haar benen. Zitten en voortbewegen zit er voor haar nog niet aan vast. Gelukkig want de helling, die we de hele dag op en neer lopen, is best wel steil voor een beginnend loopfietsertje.

 

Er was afgelopen zaterdag was er feest in Ghindari (Makfalfa) aan de andere kant van de berg. Aanvang 10.00 uur. Nu kennen we dat, dus tien uur daar betekent nog minstens een half uur wachten, wij hebben klokken en zij hebben de tijd, is toch een bekend gezegde. Dus wij lekker rustig een planning op gezet zodat we tegen tien uur bij de kerk zouden zijn. Toen bleek weer dat we vreemde gedachten er op nahouden, want we waren iets voor tienen daar en toen waren ze al gestart en konden wij gefrustreerd aansluiten achter de stoet naar het feestterrein. In de bochten konden wij een voorproefje hebben en op het terrein zagen we het in het echt. Prachtige klederdrachten o.a. uit Hongarije: soldatenpakken (ruim vallende pofbroeken in zwart met een witte blouse en een zwart vest), de bewakers van de paarden en koeien op de toendra (geen schaapherders dus). Kleurige jongens en meiden als dansgroep, verschillende zangers en zangeressen. Echt prachtig. Onze foto’s gaan naar onze weblog op www.roki.nl. Kijken hoor!

 

Tegelijk werd er door wel 10 groepen gulyás gekookt in grote boven een houtvuur hangende pan. Oorspronkelijk is de gulyás ontstaan bij de herders die aardappelen en uien met veel vocht kookten in zo’n pan op de toendra. Nu doen ze daar heel veel vlees in en iedereen heeft een paar geheime toevoegingen. De gulyás was gratis, dus aten wij, als echte Hollanders, een bak mee. Niet te veel, want we hadden daarna een lunchafspraak. De geheime ingrediënten proefden we al snel, hete paprika. Maar wel heel erg lekker. Uiteraard werd er palinka aangeboden, maar de Bob kreeg niets en Ria een bekertje gezoete drank. Onderweg naar de auto zag men kennelijk dat we buitenlanders waren, want op diverse plaatsen werd ons ‘schnaps’ aangeboden. Gelukkig kan je Bob zijn, anders hadden we wellicht onze auto niet bereikt, laat staan dat we zouden kunnen rijden.

 

Verder zijn we druk bezig. Rode bieten gezaaid, bonen gelegd, tomaten en paprika geplant en courgettes en meloen voorgezaaid. Gras maaien is intussen standaard wekelijks twee en een half uur zwoegen (omhoog duwen en omlaag lopen). Racta (berging voor kleding) reorganiseren, kast voorzien van planken (speciale constructie want een plank van 1,5 meter buigt toch echt door en is niet kinderproef), kortom je loopt hier de hele dag te zeulen. Maar wat is dat toch lekker en ’s avonds de emmer met water. Weten jullie dat nog? Moe en bezweet een emmer water putten en dan met een natte washand je hoofd en bovenlichaam met dat koude water afspoelen. Dan het lekkerste: je voeten in de emmer bijna horen sissen. Heerlijk dat koude water, je krijgt het er warm van.

 

We hoorden dat het bij jullie ook goed weer is geweest. Fijn voor jullie en uiteraard ook voor ons. We gaan op naar Hemelvaartsdag, dat ze trouwens hier niet vieren met een vrije dag en naar Pinksteren. Daar tussen hebben we kinderdag wat wel uitgebreid wordt gevierd. We verklappen het naar jullie alvast: we gaan met Ibolya (de werkster die dag), Sandra en elf kinderen naar de dierentuin en daarna naar een grote speeltuin in Tirgu Mures. Dat wordt wat met deze kinderen, maar waarschijnlijk wel heel erg genieten. Ze zijn soms nog niet buiten hun dorp geweest.

 

Dat was het weer, anders hebben jullie teveel om te lezen. We komen van 8 tot 22 juni voor vakantie terug naar Nederland en dan hopen we jullie, voor zover mogelijk, weer even te ontmoeten en te spreken (minstens een half uur J). Jullie kennen ons.

 

De zegen van God toegewenst.

 

Aart en Ria.